• Vacatures
  • Sponsor
  • Financiële administratie
  • Belastingen
  • Loonadministratie
  • Accountancy
  • Advies
  • Bedrijf starten
  • Online boekhouden
  • Adresgegevens
  • Vrijblijvend gesprek
  • Offerte / Tarieven
overzicht

Goodwill dierenartsenpraktijk vier miljoen?

Welke rol speelt een hoog overnamebod bij de bepaling van de stakingswinst bij inbreng in een BV?

Gepubliceerd: 03-04-2026 | 11:35:00

Een dierenarts heeft met zijn ouders een maatschap die de dierenartsenpraktijk uitoefent. De maatschap krijgt een indicatief overnamebod van € 3.300.000. De maten richten BV’s op en brengen de maatschapsaandelen in, met fiscale afrekening. Daarbij hanteren ze een waarde van slechts € 545.000, waarvan € 400.000 voor goodwill. Acht maanden later wordt de praktijk verkocht voor € 4.686.000. De Belastingdienst legt navorderingsaanslagen op gebaseerd op een goodwill van € 4.686.000. De rechter komt eraan te pas.

Op de zitting heeft de Belastingdienst ermee ingestemd dat de waarde van de andere componenten dan goodwill, in overeenstemming met de aangifte, moet worden gesteld op € 145.000.

Rechter over de vereiste aangifte – omkering en verzwaring van de bewijslast
De maatschapsleden hebben in de ingediende aangiften een ondernemingswaarde ten grondslag gelegd van € 545.000. De goodwillcomponent hierin, € 400.000, is berekend conform de methode van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde.

Volgens de maten kon bij de bepaling van de waarde van de onderneming voorbij worden gegaan aan de gedane biedingen, omdat ze toen niet van plan waren de praktijk te verkopen.

De Belastingdienst vindt die argumentatie onjuist en onverdedigbaar. Het grote verschil tussen de indicatieve bieding en de door de maten verantwoorde waarde betekent dat niet de vereiste aangifte is gedaan en dat daarom de bewijslast moet worden omgekeerd en verzwaard.

Bij een ‘ruisende’ inbreng van een onderneming in een besloten vennootschap tegen uitreiking van aandelen, zoals hier, moet voor de bepaling van de stakingswinst de waarde van de onderneming worden vastgesteld. Daarbij gaat het om de waarde in het economisch verkeer. Dat is de prijs die bij aanbieding ten verkoop onder de meest gunstige omstandigheden en na de beste voorbereiding door de hoogst biedende zou worden betaald.

Uit het indicatieve bod moet worden afgeleid dat de hoogstbiedende gegadigde bij verkoop onder de meest gunstige omstandigheden een prijs zou hebben betaald in de ordegrootte van dat bod. Aangezien niet in geschil is dat de bieder een potentiële koper en onafhankelijke derde was, zal de waarde in het economisch verkeer daarmee niet, in ieder geval niet veel, lager zijn geweest dan het bod van € 3.300.000.

Met de Belastingdienst acht de rechter de door de maten aan de inbreng ten grondslag gelegde ondernemingswaarde van € 545.000 niet verdedigbaar. Door een bedrag aan veronderstelde jaarwinst te vermenigvuldigen met een kapitalisatiefactor – de zogenoemde multiple methode –, wordt ten onrechte geen rekening gehouden met de groeipotentie die  de bieder blijkens haar indicatieve bod aanwezig achtte.

Als argument om dat bod bij de bepaling van de ondernemingswaarde buiten beschouwing te laten, kan niet dienen dat de maten ten tijde van de inbreng niet voornemens waren de onderneming aan een derde te vervreemden. De stakingswinst bij inbreng in een besloten vennootschap moet immers worden bepaald aan de hand van de objectieve ondernemingswaarde, zodat de bedoeling van de inbrengers om de onderneming vooralsnog niet aan een derde uit handen te geven niet van betekenis is.

Evenmin kan als argument dienen dat, zoals door de maten is betoogd, de prijs die private-equity-partijen bereid zijn te betalen niet overeenkomt met de in de branche als ‘normaal’ ervaren waarde. Ook dat argument miskent dat het nu juist gaat om de prijs die de hoogstbiedende gegadigde voor de onderneming zou betalen, die in voorkomend geval een private-equity-partij zal zijn.

Daarom vindt de rechter het aannemelijk dat de op grond van de aangiften verschuldigde belasting zowel in absoluut als relatief opzicht aanzienlijk te laag is ten opzichte van de werkelijk verschuldigde belasting. Volgens de rechter hadden de maten zich daarvan redelijkerwijs bewust moeten zijn, ze hadden behoren te weten dat door bij het bepalen van de inbrengwaarde voorbij te gaan aan objectieve marktgegevens een aanzienlijk bedrag aan verschuldigde belasting niet zou worden geheven.

Dit betekent dat de maten niet de vereiste aangifte hebben gedaan, zodat het aan de maten is om te bewijzen in hoeverre het standpunt van de Belastingdienst niet juist is.

Rechter over de redelijke schatting door de Belastingdienst
De omkering en verzwaring van de bewijslast laat onverlet dat een aanslag niet naar willekeur mag worden vastgesteld, maar moet berusten op een redelijke schatting. De Belastingdienst heeft de stakingswinst bepaald door de waarde van de onderneming te stellen op de voor de aandelen overeengekomen prijs.

Volgens de maten is de Belastingdienst er daarbij ten onrechte aan voorbijgegaan dat kort na de inbreng bekend werd dat een nabijgelegen dierenartspraktijk een half jaar later zou stoppen, dat dit niet was voorzien en dat het wegvallen van die praktijk een significante invloed heeft gehad op de omzetprognoses.

De rechter gaat hierin deels mee. Het indicatieve bod van vier maanden voor de inbrengdatum bedroeg € 3.300.000. Daarop volgde, vijf maanden na de inbreng, een bod van € 5.300.000, dat na een due diligence weer twee maanden later is uitgemond in de definitieve koopprijs van € 4.686.000. Uit de stukken leidt de rechter af dat de waarde die de bieder de onderneming toekende vooral is bepaald door verwachtingen omtrent toekomstige omzetten. Daarmee is aannemelijk dat de hogere bieding na de inbrengdatum in ieder geval deels is terug te voeren op een stijging van de omzetverwachting door het wegvallen van een concurrent in de nabijheid van de dierenkliniek. De rechter acht niet redelijk die gebeurtenis bij de schatting van de waarde van de onderneming per de inbrengdatum buiten aanmerking te laten.

De rechter vindt het redelijk om de helft van het verschil tussen het eerste indicatieve bod en de uiteindelijke koopprijs aan te merken als waardevermeerdering van de onderneming ten gevolge van het wegvallen van de concurrent. Aldus komt de rechtbank tot een schatting van de ondernemingswaarde per de inbrengdatum van – afgerond – € 4.000.000. Nog altijd tien maal zo hoog als de aangegeven goodwill.

De aanslagen berusten dus op een te hoge schatting door de Belastingdienst van de inbrengwaarde. De rechter vermindert de aanslagen tot het juiste bedrag.

Let op: Of de maatschapsleden door de ruisende inbreng in de BV-structuur, gezien de nog steeds zeer forse fiscale afrekening over de stakingswinst, achteraf per saldo fiscaal beter uit zijn, is de vraag. Dat tijdig en goed advies bij zo’n traject onontbeerlijk is, mag duidelijk zijn. We adviseren u graag.

https://www.accountantsportal.nl/feed/item/4213b5cddc7f328397ba430839882f1c/2026-04-goodwill-dierenartsenpraktijk-vier-miljoen

Bron: Accountantsportal

Overig nieuws


03-04-2026 | 11:34:00 - Aangifte 2025: van ondernemer naar loondienst
03-04-2026 | 11:32:00 - Borgstelling voor kind zonder vergoeding: schenking?
03-04-2026 | 11:30:00 - Rechtsvermoeden arbeidsovereenkomst op basis van uurtarief
20-03-2026 | 11:35:00 - Proeftijdontslag voor aanvang dienstverband geldig?
20-03-2026 | 11:34:00 - Loonstop arbeidsongeschikte werknemer terecht?
20-03-2026 | 11:32:00 - Is afzien van pensioenverevening een schenking?
20-03-2026 | 11:30:00 - Uw youngtimer is per 2027 geen youngtimer meer
06-03-2026 | 11:35:00 - Belastingdienst corrigeert loon DGA
06-03-2026 | 11:34:00 - Geen aftrek eigen woningrente bij lening eigen BV
06-03-2026 | 11:32:00 - Mobiele telefoon vrijgesteld?
06-03-2026 | 11:30:00 - Schenking aandelen: bijna vrijgestelde schenking of loon uit dienstbetrekking?
20-02-2026 | 11:35:00 - Kunt u de onbelaste verblijfkostenvergoedingen voor ambtenaren toepassen?
20-02-2026 | 11:34:00 - Huurder heeft een woning in eigendom: zijn fiscale eigen woning?
20-02-2026 | 11:32:00 - Studiekostenbeding ongeldig
10-01-2025 | 11:35:00 - Nevenwerkzaamheden leiden tot ontslag op staande voet
10-01-2025 | 11:34:00 - Kwijtschelding door ex-echtgenote vormt schenking
10-01-2025 | 11:32:00 - Begeleiding door jobcoach voor meer werknemers mogelijk
10-01-2025 | 11:30:00 - Overgangsregeling btw-tarief logies, cultuur, sport en media
27-12-2024 | 11:35:00 - Wet werkelijk rendement box 3 uitgesteld
27-12-2024 | 11:34:00 - Handhaving arbeidsrelaties: zachte landing
27-12-2024 | 11:32:00 - Rapportageplicht online platformen over 2024
27-12-2024 | 11:30:00 - Tweede woning in box 3: berekening waardestijging
13-12-2024 | 11:35:00 - Overtreding geheimhoudingsbeding leidt tot ontslag
13-12-2024 | 11:34:00 - Werkgever stopt met betalen salaris
13-12-2024 | 11:32:00 - Verhuiskostenaftrek: is de verhuizing wel zakelijk?
13-12-2024 | 11:30:00 - Wetsvoorstel box 3 moet op de schop
29-11-2024 | 11:35:00 - Direct na vaststellingsovereenkomst opening eigen restaurant
29-11-2024 | 11:34:00 - Aanvraag Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk 2025
29-11-2024 | 11:32:00 - Zwangerschapsdiscriminatie tijdelijk contract
29-11-2024 | 11:30:00 - Nieuw financieringsstelsel kinderopvang

Contact


Yvo Accountancy & Belastingadvies

Wageweg 32, 1811 MK  Alkmaar

Tel.    072 - 512 08 00 

 

Yvo Accountancy op social media


LinkedIn

 

Links


Accountant in Alkmaar

Accountant omgeving Hoogwoud - Opmeer - Spanbroek

Privacyverklaring

Laat een bericht achter


 

Laatste nieuws


  • Goodwill dierenartsenpraktijk vier miljoen?

    Welke rol speelt een hoog overnamebod bij de bepaling van de stakingswinst bij inbreng in een BV?
  • Aangifte 2025: van ondernemer naar loondienst

    Veel ZZP-ers zijn in 2025 in loondienst gegaan. Wat betekent dat voor de aangifte?
  • Borgstelling voor kind zonder vergoeding: schenking?

    Is sprake van een schenking als een ouder borg staat voor (een BV van) een kind en geen borgstellingsprovisie is afgesproken?
  • Rechtsvermoeden arbeidsovereenkomst op basis van uurtarief

    Hoe gaat het rechtsvermogen op basis van uurtarief eruit zien?

 

 

Copyright 2026 - Yvo Accountancy & Belastingadvies
Inloggen | Ziber Website | Design by Geenpunt Media